Veel lof, weinig opdrachten: hoe Startblock strijdt tegen stilstand in de woningbouw

31 maart 2025

Van vliegende start naar remmende stilstand

Met hun compacte, circulaire houten woningen veroverde Startblock in 2019 razendsnel de aandacht van woningcorporaties en investeerders. Hun modulaire rijtjeswoningen — ‘halve woningen’ van vijftig vierkante meter, rug-aan-rug geplaatst — spraken direct aan. Betaalbaar, duurzaam, verplaatsbaar en vooral: perfect voor starters. De fabriek in Emmeloord draaide op volle toeren en het succesverhaal leek geschreven.

Maar ondanks de urgentie op de woningmarkt en de politieke waardering voor het concept, droogden in 2024 de opdrachten ineens op. Gemeenten aarzelen, vergunningen lopen vast in het moeras van de Omgevingswet en ‘tijdelijke woningbouw’ blijkt in de praktijk nog steeds een gevoelig onderwerp.

Flexwoningen en bestuurlijke mist

De ambities van Startblock sluiten perfect aan op de maatschappelijke vraag. Toch blijkt het realiseren van dit soort innovatieve woningbouwprojecten lastig. Door de introductie van de Omgevingswet is de besluitvorming trager dan ooit. Gemeenten zijn zoekende, bewoners maken bezwaar, en welstandscommissies hebben moeite met het afwijkende uiterlijk van de flexwoningen.

Daar komt bij dat veel wethouders plots terugschrikken voor tijdelijke plaatsing. Terwijl die flexibiliteit juist de kracht is van Startblock. De ‘tijdelijke’ status van de woningen — die qua kwaliteit permanent zijn — roept weerstand op. Daardoor vallen projecten stil en raakt de fabriek onderbezet.

Van volle productie naar reorganisatie

Begin 2025 klinkt het ineens opvallend stil in de fabriekshal van Emmeloord. Acht woningen staan onafgewerkt te wachten, nog zonder goedkeuring van de welstandscommissie. De productie draait noodgedwongen op voorraad, in afwachting van groen licht. En dat terwijl het bedrijf met gemak vijfhonderd woningen per jaar kan produceren.

Het gevolg: een reorganisatie waarbij Startblock van zeventig naar dertig medewerkers ging. Nieuwe CFO en mede-eigenaar Roel Buitenwerf probeert de koers te stabiliseren. De kapitaaldruk is deels verlicht door de omzetting van schulden naar preferente aandelen, maar zonder nieuwe opdrachten blijft de situatie precair.

Wonen willen we allemaal, maar bouwen mag niet

De frustratie bij de ondernemers is voelbaar. Terwijl het woningtekort oploopt, staan innovatieve producenten als Startblock werkloos toe te kijken. Ze herinneren zich nog goed hoe bestuurders hun modelwoning in Valkenburg bezochten en vol lof waren. Maar waar blijven de concrete opdrachten?

Volgens Startblock wringt het vooral bij de besluitvorming. Gemeentelijke commissies vergaderen eens per twee weken, toezichthouders twijfelen over details, en ego’s lijken soms zwaarder te wegen dan urgentie. Buitenwerf: “We voelen de pijn van jongeren die niet kunnen doorstromen, maar bestuurders voelen dat niet. Het systeem werkt vertragend in plaats van versnellend.”

Startblock kijkt over de grens

Inmiddels kijkt het bedrijf richting Duitsland. Daar zijn de volumes groter, de vraag vergelijkbaar en de woningmarkt trekt weer aan. Een eerste project van 26 woningen is in voorbereiding. De nieuwe algemeen directeur, Wim-Heerke Spronk, heeft een uitgebreid netwerk in Duitsland en ziet kansen.

Toch blijft het wrang: een Nederlandse woningfabriek die moet uitwijken naar het buitenland, terwijl Nederland zelf dringend behoefte heeft aan betaalbare woningen. Volgens medeoprichter Henk Visscher had het bedrijf inmiddels een tweede fabriek kunnen openen als een fractie van de enthousiaste bestuurders ook echt had besteld.

Geld verdienen met wachten

De grootste bottleneck zit niet in de productie, maar in de snelheid waarmee opdrachtgevers schakelen. Gemeenten betalen pas bij oplevering, waardoor start-ups zoals Startblock voor miljoenen aan voorfinanciering moeten zorgen. Dat is voor een jong bedrijf simpelweg niet vol te houden. Een garantiefonds, stelt Spronk, zou hier een wereld van verschil maken.

Ondertussen staat de fabriek paraat. Met één productielijn kunnen ze 500 woningen per jaar leveren. Tien lijnen? Dan zijn het er 5.000. De ondernemers zijn strijdbaar, maar ook realistisch: zonder bestellingen houdt het op. Buitenwerf: “Wij hebben geen luxe om een jaar te wachten op beleid. Wij moeten dóór.”

En dus klinkt het door de hal in Emmeloord: “Bestel maar, bestel maar, bestel maar.” Misschien dat minister Mona Keijzer het hoort.

Bron: cobouw.nl